A A Lettergrootte

Genetische aandoeningen

Genetische aandoeningen vinden hun oorsprong in het erfelijk materiaal: chromosomen, genen, DNA. Steeds duidelijker wordt dat vrijwel alle aandoeningen voor een klein of groot deel genetisch zijn bepaald. Zelfs de gevoeligheid voor alles 'van buiten' wat ziekten kan veroorzaken, zoals infectieziekten. Veel aandoeningen van VSOP-lidorganisaties zijn geheel of gedeeltelijk genetisch bepaald. Meestal zijn het zeldzame aandoeningen. Die combinatie: genetisch en zeldzaam, veroorzaakt een specifieke problematiek die om speciale aandacht vraagt van een organisatie als de VSOP.

Voorlichting en deskundigheidsbevordering

De VSOP is opgericht in 1979. Belangrijkste reden was dat veel ouders van een kind met een genetische aandoening, kennis misten over de erfelijke aspecten met het oog op een volgende kinderwens. Voorlichting en deskundigheidsbevordering rondom genetica en de betekenis daarvan voor de zorg, vormen de rode draad in de VSOP-geschiedenis. De focus lag op het zo tijdig mogelijk bereiken van mensen met een kinderwens en een genetisch risico. Dit is snel verbreed naar andere, externe risicofactoren zoals roken, alcoholgebruik, gebrek aan foliumzuur, en medicijngebruik. De VSOP draagt bij aan brede bewustwording op dit terrein.

Overerfbaar en spontaan

Erfelijke aandoeningen zijn genetische aandoeningen die ouders kunnen doorgeven aan hun kinderen. We noemen dit overerfbaar. Maar een genetische, chromosomale of erfelijke aandoening kan ook vroeger (embryonaal) of later in het leven spontaan ontstaan bij iemand bij wie de aandoening nog niet voorkwam in de familie. Veel van deze aandoeningen zijn zeldzaam.

>>Genetische aandoeningen

Print