Kwaliteitsstandaard atypische parkinsonismen

Pagina 101 patiënt kan steeds één à twee weken een aantal tips uitproberen en kijken of het bij hem/haar past en of het effectief is. • Alleen gaan slapen bij echt moe zijn. Voorkomen lang wakker liggen in bed. • Geen dutjes of middagslaap tussendoor. Als patiënt niet zonder middagslaap de dag kan doorkomen, dan het liefst middagslaap korter dan één uur en vóór 15.00 uur. • Regelmaat creëren in het opstaan en slapen: elke dag (ook in het weekend) op vaste tijden opstaan en naar bed gaan. Met een regelmatig slaap-waakritme, voelt patiënt zich beter. • Tenminste 4 uren voor het slapen gaan, geen sport/forse lichamelijke inspanning. Regelmatig sporten/inspannen wordt wel aanbevolen om patiënt goed te laten slapen, maar het tijdstip is belangrijk. Effecten van sporten op late avond nadelig door stijgen adrenalinegehalte en het juist fitter voelen in plaats van slaperiger. Sporten in de ochtend en vroege avond zullen de slaap niet verstoren. • Ontspannende activiteiten voor het slapen, zoals: - Luisteren naar ontspannende muziek. - Lezen van ontspannende lectuur. - Drinken van kruidenthee (geen gewone thee). - Een warm bad (alleen in overleg met de arts, aangezien dit niet goed voor de orthostase). • Laat op de avond geen zware maaltijd. Eventueel iets licht verteerbaars (een cracker) als patiënt nog iets wil eten voor het slapen. • Slaapkamer en bed moeten rustig en comfortabel zijn. • Een koele kamer (het raam open) is aan te bevelen boven een verwarmde kamer. • Het bed niet gebruiken om in te werken of om televisie te kijken. • Eventueel een verduisteringsgordijn, oogmasker, oordopjes. • 4 tot 6 uren voor het slapen gaan geen alcohol, cafeïne-houdende of andere stimulerende producten (koffie, thee, cola, chocolademelk, melk, ice-tea, cola, energiedranken en cacao). Deze producten hebben een stimulerende werking en verkeerde invloed op de slaap. Ook roken heeft deze eigenschap. • Bij ’s nachts piekeren en daardoor wakker liggen, eventueel een notitieblok en pen naast het bed en gedachten op papier zetten. De volgende dag weer over nadenken, ’s nachts los laten. • Vermijden van angsten, spanningen en emoties voor het slapen (bijvoorbeeld televisie kijken). Advies is om 1 uur voor het slapen geen TV te kijken. • Zorg in de ochtend voor veel licht, en bouw in de avonduren het licht af. Dat helpt het lichaam om de juiste hoeveelheid melatonine aan te maken. • Letten op de biologische klok van patiënt en deze volgen. De biologische klok geeft aan wanneer patiënt moet gaan slapen (tijdstip waarop patiënt slaperig wordt en het wat kouder krijgt: het rilmoment). • De tijd in bed beperken tot maximaal 8 uur. • Niet steeds op de wekker letten. Het steeds zien van de tijd geeft onrust. • Zorgen voor een goede kwaliteit matras en passend hoofdkussen. • ’s avonds niet teveel drinken. Dan is de kans groot dat patiënt er ’s nachts uit moet om te plassen. • Matig met alcohol. Geen alcohol bevattende drank als “slaapmutsje”. • Alcohol niet combineren met slaapmiddelen of antidepressiva. • Regelmatige lichaamsbeweging overdag (ook gunstige invloed op spanning en stress). • Laat patiënt ervoor zorgen het overdag niet te druk te hebben. Steeds bekijken of niet teveel eisen aan zichzelf gesteld worden, en of eisen wel realistisch zijn. Verminderd energieniveau (vermoeidheid): Vermoeidheid is een veel voorkomend en beperkend non-motor verschijnsel. Onderzoeken laten zien dat tussen de 30 en 60% van de mensen met de ziekte van Parkinson last heeft van vermoeidheid. De verwachting is dat die cijfers bij AP hoger liggen. Bij vermoeidheid dient onderscheid gemaakt te worden tussen:

RkJQdWJsaXNoZXIy Mjc2MDM=