Previous Page  11 / 91 Next Page
Information
Show Menu
Previous Page 11 / 91 Next Page
Page Background

9

Wanneer is NF2 mild en wanneer ernstig?

Wetenschappers hebben enkele factoren in verband gebracht met het te

verwachten ziekteverloop. Onderstaande verbanden gelden in het algemeen

(weerspiegelen het gemiddelde) en de ernst van de ziekte kan van persoon tot

persoon toch nog verschillen:

• hoe jonger de patiënt, des te meer kans op een ernstiger ziekteverloop;

• bepaalde type fouten in het NF2-gen geven meer kans op een ernstiger

ziektebeloop (dit zijn zogenaamde ‘nonsense’- en ‘frameshift’-type fouten

in het NF2-gen).

Ongeveer 20 van de 100 mensen met NF2 zullen klachten krijgen op

kinderleeftijd. Klachten op kinderleeftijd kunnen anders zijn dan de

klachten op tiener-, jongvolwassen- of volwassen leeftijd. Kinderen

kunnen namelijk druk op het ruggenmerg ervaren door tumoren of

problemen met het zien en huidtumoren krijgen. Als NF2 zich op peuter-

of kleuterleeftijd uit, dan kunnen er ontwikkelingsproblemen optreden

in motoriek, houden van evenwicht en oogbewegingen. Als er aan beide

kanten van de hersenen al een brughoektumor is, dan groeien deze vaak

sneller dan op volwassen leeftijd. Heel zelden wordt de diagnose NF2 al

op babyleeftijd gesteld, op grond van hele kleine brughoektumoren en

cirkelvormige verkleurde verdikkingen van de huid.

In de regel geldt: hoe eerder NF2 zich uit, hoe ernstiger het ziekteverloop

zal zijn.

Tieners hoeven deze klachten niet altijd te vertonen: bij hen kunnen ook

pijnlijke huidbeschadigingen of krachtsverlies en gevoelsstoornissen

optreden.

Het vaststellen dat iemand milde NF2 heeft, geldt alleen voor een

korte tijd. Dat wil zeggen dat de ernst nog kan veranderen in de

toekomst omdat iemand andere afwijkingen van NF2 ontwikkelt of

klachten krijgt.

Regelmatige controles zijn nodig om op tijd in te kunnen grijpen.