Previous Page  17 / 27 Next Page
Information
Show Menu
Previous Page 17 / 27 Next Page
Page Background

Cornelia de Lange syndroom

·

·

Dossiervorming

Veel van de gezondheidsproblemen

zijn chronisch of hebben een chronisch recidiverend

karakter. Door zorgvuldige verslaglegging kan de arts

de voorgeschiedenis bij de huidige situatie betrekken,

daardoor betere afwegingen maken en doublures

voorkomen.

·

·

Verwijzingen

Het is van belang bij verwijzingen

altijd de diagnose CdLS en de eventuele ernstige

gezondheidsproblemen te vermelden. Eventueel kan de

huisartsenbrochure of de brief met verwijzing naar de

huisartsenbrochure worden meegegeven als de huisarts

verwijst naar andere (para)medici in de eerstelijn.

·

·

Verwijzing naar de AVG

De AVG poliklinieken zijn

gehuisvest in zorginstellingen, ziekenhuizen, eerstelijns

gezondheidscentra of elders. Kijk voor een AVG-polikliniek

in de buurt op de website van de NVAVG

( www.nvavg.nl

).

Redenen om naar de AVG te verwijzen zijn onder andere:

-- periodieke syndroom gerelateerde follow-up;

-- complexe gezondheidsproblematiek;

-- advisering ten aanzien van wilsbekwaamheid;

-- wet- en regelgeving (BOPZ, BIG, AWBZ);

-- ondersteuning en second opinion bij complexe

besluitvorming rond behandelbeleid.

·

·

Verwijzing naar expertisecentrum

De huisarts verwijst

voor behandeling naar een ziekenhuis met kennis van

het CdLS of een expertisecentrum, zie

Consultatie en verwijzing .

·

·

Veilige verzorging

voor adviezen ten aanzien

van verzorging kan de huisarts verwijzen naar de

patiëntenvereniging. Via lotgenotencontact en

beeldmaterialen (DVD) van de patiëntenvereniging kunnen

ouders met een kind met CdLS kennis nemen van de

ervaringen van ouders ten aanzien van praktische adviezen

en hulpmiddelen voor de verzorging van baby’s, kinderen

en jong volwassenen.

·

·

Groeiachterstand

De beperkte groei is inherent aan het

syndroom. Vaak moeten artsen en ouders accepteren dat

dit nu eenmaal de groei van een kind met CdLS is.

De cellen delen langzamer en gaan niet sneller delen met

meer calorieën. Alleen bij een echt afbuigende

groei of groei beduidend onder de CdLS groeilijnen (zie

www.cdlsworld.org )

is het zinvol om een voedingsplan

te maken. Betrek hier ouders, jeugdarts, kinderarts,

zonodig andere medisch specialisten, (pre)logopedist,

diëtist(e), tandarts, eventueel leidster kinderdagverblijf en

leerkracht bij. Soms is sondevoeding of een behandeling

met hoogcalorische voeding nodig. Bij veel spugen kan een

speciale voeding, indikken van de voeding of langer rechtop

houden na de voeding het advies zijn. Bij het voeden

zijn nog andere factoren van belang, namelijk eventuele

overgevoeligheden en intoleranties voor voeding, licht,

geluid, kamertemperatuur, sociale aspecten (wie is nog

meer in de ruimte aanwezig, wie geeft de voeding), reflux

en eventuele overgang van sondevoeding naar orale

voeding. Soms is een kauw- en slikonderzoek nodig. Bij

voedingsproblemen in verband met een hoog gewelfd

gehemelte, kunnen soms aanpassingen als speciale flessen

het voeden vergemakkelijken.

·

·

Preventie

-- Het is van belang om complicaties te voorkomen.

De huisarts kan hierin een grote rol spelen. Zo moet

reflux goed bestreden en behandeld worden om

aspiratiepneumonie en andere complicaties te

voorkomen.

-- In verband met hart- en longproblemen is aandacht

voor de leefstijl en het voorkomen van overgewicht

van belang. De huisarts kan hierbij een rol spelen door

bijvoorbeeld het geven van leefstijladviezen en het

verwijzen naar een diëtist(e).

·

·

Griepvaccinatie

Een griepvaccinatie is geïndiceerd

bij patiënten met longproblematiek en/of cardiale

problematiek (hemodynamisch belangrijke

kleppathologie) en bij kinderen/volwassenen met een

verstandelijke handicap die in een instelling wonen.

·

·

Anesthesie

In verband met de soms smalle luchtwegen

is er in dat geval een verhoogd risico bij anesthesie. Extra

aandacht is nodig bij intubatie, ook vanwege de mogelijk

aanwezige kaak- en gebitsafwijkingen. Preoperatief is

goed onderzoek naar onder andere de cardiale afwijkingen

en trombocytopenie van belang.

·

·

Gehoor

Otitiden snel behandelen en zo nodig

laagdrempelig verwijzen voor TV buisjes. Kinderen

en volwassenen met CdLS hebben vaak een nauwe

gehoorgang. Zij hebben al een verminderd gehoor, dat door

ontstekingen nog minder wordt. Een slecht gehoor staat de

communicatie in de weg.

·

·

Slaapproblemen

Deze komen vaak voor bij mensen

met CdLS. Denk aan onderliggende problematiek, zoals

reflux, en los deze zo mogelijk eerst op. Verder is er vaker

sprake van obstructieve slaapapneu. Dit kan bij de familie

nagevraagd worden. Ook behandeling van een mogelijk

onderliggende angst of depressie kan belangrijk zijn. Soms

is slaapmedicatie een oplossing.

·

·

Medicatie

Personen met CdLS zijn redelijk gevoelig voor

bepaalde medicatie, en vertonen vaak ‘paradoxaal’ gedrag

onder invloed van sedatieven en andere medicatie met

kalmerende bijwerkingen. Overleg zo nodig met een

ervaren en gespecialiseerde arts en zie ook de

NVAVG- Standaard over psychofarmaca

.

·

·

Fysieke inspanning

kan er soms te weinig zijn bij

kinderen of volwassenen met CdLS. De huisarts bespreekt

de mogelijkheden van meer bewegen en biedt zo nodig

fysiotherapie aan.

·

·

Psychosociale aspecten

De huisarts is alert op

psychosociale problematiek, en kan zo nodig ondersteunen

bij de acceptatie en het bijstellen van verwachtingen van

ouders ten aanzien van hun kindje, en bij het in balans

leren houden van draaglast en draagkracht. De huisarts

kan, indien nodig, doorverwijzen naar gespecialiseerde

professionele hulpverleners. Broertjes en zusjes kunnen

15